De provincie Overijssel wil dat inwoners, bezoekers en ondernemers de komende jaren makkelijker, veiliger en sneller hun bestemming kunnen bereiken. In een nieuw mobiliteitsprogramma kijkt de provincie onder meer naar de rol van de fiets, het openbaar vervoer en de auto. Het ontwerp ligt tot en met 23 november ter inzage. Inwoners kunnen tot die tijd reageren.
Gedeputeerde Staten hebben het ontwerp van het Regionaal Mobiliteitsprogramma (RMP) in september vastgesteld. Het programma beschrijft de koers voor mobiliteit en bereikbaarheid in Overijssel voor de komende jaren. De provincie groeit en er komen woningen en inwoners bij, terwijl de beschikbare ruimte beperkt is. Daarom wil Overijssel bereikbaarheid, woningbouw en ruimtelijke ontwikkeling beter op elkaar afstemmen.
Naast de auto en het openbaar vervoer kijkt het programma naar fietsen, deelvervoer en mobiliteitshubs, waar reizigers kunnen overstappen op een andere vorm van vervoer. Ook verkeersveiligheid, sociale veiligheid en verduurzaming maken deel uit van de plannen.
Volgens gedeputeerde Martijn Dadema (Mobiliteit) gaat bereikbaarheid om meer dan wegen en spoorlijnen. Het moet voor mensen makkelijker worden om bijvoorbeeld hun werk, opleiding en zorg te bereiken. Door vervoersmogelijkheden beter op elkaar af te stemmen, wil de provincie de keuzevrijheid van reizigers vergroten.
Het programma is samen met gemeenten ontwikkeld. Ook inwoners, reizigers en andere betrokkenen hebben tijdens een participatietraject meegedacht.
Het ontwerp-RMP ligt nog tot en met 23 november 2026 ter inzage. Daarna beoordeelt de provincie de reacties en kan het programma waar nodig worden aangepast. De definitieve vaststelling staat gepland voor januari 2027. Het ontwerp en de bijbehorende stukken zijn te bekijken via de website van de provincie Overijssel.



