Zes jaar na de coronacrisis is de Zwolse horeca weer volop in bedrijf, maar de nasleep is nog voelbaar. Niet alleen zijn de prijzen fors gestegen, ook de regeldruk voor ondernemers is volgens horecaondernemer Nelleke Alleman-Dijkhuizen groter dan ooit. Toch is de directeur van horecabedrijf De Agnietenberg en voorzitter van Koninklijke Horeca Nederland (KHN) regio Zwolle er goed doorheen gekomen en wist ze ook na corona haar oude team te behouden. “We waren best veerkrachtig met elkaar.”
Wel is alles volgens Nelleke na corona veel duurder geworden: “De energiekosten, de inkoopprijzen, de lonen en nu ook de hogere btw voor de hotellerie. Dat is allemaal terecht te verklaren, maar dat betekent dat de prijzen ook fors omhoog zijn gegaan in de horeca. En dat accepteert de consument dan weer niet.”
Volgens Alleman is de horeca daardoor voortdurend op zoek naar een nieuwe balans. “We ontvangen ongeveer evenveel gasten als voor corona, maar met kleinere marges is het veel moeilijker om rendabel te blijven.”
Daar komt volgens haar ook een steeds grotere stapel regels bij. “Je krijgt te maken met handhavingsverzoeken, controles van de arbeidsinspectie op ons PSA-beleid (psychosociale arbeidsbelasting) en steeds nieuwe wet- en regelgeving. Vanwege nieuwe regels kunnen muizen minder goed bestreden worden omdat bepaalde gifsoorten zijn verboden. Ondernemer zijn draait nu niet meer alleen om gasten blij maken. Je bent bezig met de zorg voor een goed team, een gezonde balans tussen inkomsten en uitgaven én het naleven van alle regels. Soms zit ik uren achter mijn computer, terwijl ik eigenlijk het liefst tussen mijn gasten sta. De regeldruk neemt alleen maar toe.
Ik weet niet of het komt doordat iedereen zich voor alles wil indekken, maar de maatschappij moet wel weer even anders worden. Minder regeldruk en weer meer plezier in het ondernemerschap.”
Binnen tien minuten leeg en nieuwe gietvloeren
Hoewel de coronacrisis inmiddels jaren achter hen ligt, staat één moment nog altijd in haar geheugen gegrift.
“Die zondag in maart 2020 vergeet ik nooit meer. Binnen tien minuten waren volle restaurants en terrassen compleet leeg. Dat je een bedrijf waar je jarenlang je ziel en zaligheid in hebt gestoken ineens verplicht moet sluiten, voelde onwerkelijk.”
Nog diezelfde avond stuurde ze haar medewerkers een brief. “Ik heb mijn team beloofd dat ik alles op alles zou zetten om de zaak overeind te houden en ervoor te zorgen dat ze konden blijven werken. Maar de onzekerheid was enorm. Niet alleen voor onszelf, maar ook voor alle bruidsparen en gasten die al geboekt hadden. Iedere keer als we dachten weer open te mogen, volgde opnieuw uitstel of een nieuwe lockdown. Complete agenda’s met bruiloften, feesten en evenementen konden weer weggeveegd worden.”
Daarbovenop kwam de financiële onzekerheid.
“Ik heb direct een BMKB-krediet aangevraagd. Ik geloof niet dat ik ooit zoveel formulieren voor een bank heb moeten invullen. Ondertussen wist niemand welke steunmaatregelen er nog zouden komen. Niet iedereen heeft een potje om je medewerkers een maand door te kunnen betalen. Je voelde verantwoordelijkheid voor je onderneming, maar tegelijkertijd maakte je je ook zorgen over de pandemie zelf en de mensen die eraan overleden. Dat maakte het heel dubbel.”
Ondernemers zaten volgens haar tijdens de lockdowns niet stil. “Je zag overal initiatieven ontstaan. Er werd verbouwd, geschilderd en vernieuwd. Bij De Agnietenberg hebben we bijvoorbeeld nieuwe gietvloeren gelegd in de toiletten.”
Net zoals collega-ondernemers in Zwolle werden nieuwe manieren bedacht om toch omzet te draaien. “We maakten take-awaypakketten voor wandelaars en fietsers met koffie, thee en gebak en brachten complete Moederdag-high tea’s. Maar er waren ook bedrijven die gelijk dachten: ik moet mijn team nu helaas om economische redenen laten gaan.”
Psychische hulp en detacheren
De horecavrouw vindt dat na corona de Zwolse horeca wel blijvend veranderd is. “Voor corona had je als ondernemer de angst om een brand te krijgen in je zaak, of een ongeluk op de werkvloer of een arbeidsconflict. Dat zijn dingen waar je je voor kunt verzekeren. Maar nu is er een nieuwe angst bij dat de overheid zomaar je zaak kan sluiten. Veel collega’s en ik zelf ook hebben psychische hulp gehad. Want je wilt alles zo goed doen, denkt altijd in oplossingen en dan overkomt je iets wat je niet kan oplossen en loop je vast in je hoofd. Ik heb daarom zelf een psycholoog benaderd.
Er kwam elke keer weer een nieuwe lockdown, dan was je open in de zomer en in oktober weer dicht, en dan in mei/juni weer open en in december 2021 weer dicht en pas in februari 2022 weer open. De laatste lockdowns had ik veel contacten met onder meer de GGD en IJsselheem waar we, zoals ook andere bedrijven hier deden, ons personeel aan konden detacheren. Gelukkig ga je ook gewoon weer door en is het vanaf dat we opengingen ook gelijk weer heel goed gegaan met de horeca in Zwolle, hoewel ik niet altijd achter de financiële situatie van bedrijven kan kijken als regiovoorzitter. Er zijn ook bedrijven die er financieel niet meer overheen kwamen of die hun ondernemerszin verloren. “
Volgens Nelleke is de cultuur na corona niet veranderd bij de Agnietenberg. “Ik merk wel dat gasten vaker vragen wat ze moeten doen als zoiets weer gebeurt. Uiteraard kan er dan geannuleerd worden. En wat ik ook merk na corona is dat ik nu nog meer voor mijn team sta.Ik besef nu nog meer hoe waardevol mijn medewerkers zijn en hoe we samen echt een onderneming neerzetten. Alleen als ondernemer bereik je niets. Je bereikt het echt samen.”
Huiskamer van samenleving en minder parkeerplekken
Was het na corona moeilijk om nieuw personeel te vinden?
“Ja en nee. Je moet goed kijken waar de nieuwe generatie behoefte aan heeft. Ze willen graag werken, maar ook weten wanneer hun dienst eindigt, zodat ze daarna nog tijd hebben voor hun sociale leven. Daarom werken wij ook met diensten van vier uur. Bijvoorbeeld van 20.00 tot 00.00 uur, zodat ze daarna nog de stad in kunnen, of van 13.00 tot 17.00 uur tijdens high tea’s.”
Volgens de horecavrouw is Zwolle goed uit de coronacrisis gekomen. “Dat komt ook doordat de samenwerking met de gemeente Zwolle heel soepel verliep. We mochten tijdelijk de terrassen uitbreiden en openbare ruimte gebruiken, zodat er meer afstand tussen de tafels kon zijn. Er zijn uiteindelijk weinig horecabedrijven direct na corona omgevallen.”
Ook de bezoekers kwamen snel terug. “Zwollenaren gingen meteen weer de stad in en gaven weer geld uit. Ook mensen uit de regio kwamen terug, al zie ik dat dat nu wel iets minder wordt.” Dat heeft volgens Nelleke ook met de bereikbaarheid te maken. “Zwolle is geen Amsterdam, waar iedereen met het openbaar vervoer reist. Er verdwijnen steeds meer parkeerplekken en daar maken horecaondernemers zich zorgen over. Ook het verdwijnen van de IJsselhallen speelt mee. Er komt wel een vervanger, maar zo’n evenementenhal trekt veel bezoekers, toeristen en horecagasten naar de stad.”
Na corona kwam bij de horeca ook het besef dat ze echt de huiskamer van de samenleving zijn. “De waardering dat ze erna weer bij je konden komen en dat we echt wel gemist werden. Mijn collega uit de Voorstraat zei: we moeten iedereen heropvoeden”, grijnst Nelleke. “Jongeren hadden een paar jaar stappen gemist. Ze moesten opnieuw leren hoe je je gedraagt en hoeveel alcohol je aankunt. Dat zag ik ook terug bij de eerste bruiloften hier; ze zochten veel vaker de grens op.”
Geen ondernemersrisico en groot horecahart
Mocht er opnieuw een pandemie uitbreken, dan moet de overheid volgens Nelleke sneller en duidelijker handelen.
“Tijdens de eerste lockdown was er geen vergoeding voor de vaste lasten, alleen voor een deel van de personeelskosten. Daardoor kwamen veel kosten bij de ondernemers zelf terecht. Ik snap dat de overheid niet alles kan betalen, maar het verschil met de steun tijdens de laatste lockdown was heel groot.”
Volgens haar moeten regelingen voor vaste lasten en personeelskosten direct beschikbaar zijn. “Er was heel lang onduidelijkheid over wat wel en niet zou gebeuren. Natuurlijk kan een overheid niet meteen alles regelen, maar het voelde in de eerste lockdown alsof dit volledig ondernemersrisico was. Dat vind ik niet. Als de overheid je verplicht om je zaak te sluiten, is dat niet alleen ondernemersrisico. Daar moet een betere balans in komen.”
Corona zorgde volgens haar ook voor een duidelijke scheiding onder ondernemers. “Degenen met een groot hart voor het vak bleven vechten voor hun bedrijf. Ondernemers die al twijfelden, zijn uiteindelijk gestopt.”
Hoewel Nelleke geen aantallen kan noemen zijn er volgens haar in Zwolle weinig zaken gestopt.
“Er waren een paar startende ondernemers die de dupe werden van regels, omdat ze nog geen jaarcijfers konden laten zien en daardoor minder steun kregen. Uiteindelijk kwam er nog wel wat hulp, maar lang niet zoveel als voor ondernemers die al langer bestonden. Toch heeft het merendeel van de Zwolse horeca het gered. Dat laat zien hoe groot het horecahart van Zwolle is.”
Wat corona met ons deed
Het coronavirus overviel ons in 2020 en hield de samenleving twee jaar in de greep. Door de lockdown en een avondklok viel het leven stil. Inmiddels hebben we de draad weer opgepakt en kijken we liever niet terug. Toch is dat wat de parlementaire enquêtecommissie in Den Haag juist wel doet.
In vijftig verhoren met deskundigen en bewindslieden onderzoekt de commissie welke lessen we kunnen leren uit de coronaperiode. Voor RTV Oost, 1Twente en 1Zwolle aanleiding om uit te zoeken wat corona deed met de Overijsselse samenleving en welke gevolgen daarvan zes jaar later nog merkbaar zijn.
Vandaag: de horeca
