Juist in een tijd waarin prestatiedruk en onzekerheid een steeds grotere rol lijken te spelen in het leven van kinderen, lanceert de Zwolse deskundige positieve psychologie en Windesheim-docent Marlies Jellema het Sterke Kantenspel. Volgens haar ligt in onderwijs en hulpverlening nog te vaak de nadruk op wat een kind niet kan.
“Door juist te focussen op wat wél goed gaat en te bouwen aan veerkracht, help je het zelfvertrouwen te versterken”, zegt Jellema.
Naar aanleiding van de lancering sprak 1Zwolle met de docent, spreker en trainer over prestatiedruk, zelfvertrouwen en de vraag waarom kinderen steeds jonger worstelen met verwachtingen.
Burn-out klachten
“Je ziet dat prestatiedruk op steeds jongere leeftijd een rol speelt, vooral bij meisjes”, vertelt Jellema. “Op de basisschool krijgen kinderen al veel toetsen. Ze zijn zich bewust van open dagen en van de vraag wie naar welke middelbare school gaat. Vanaf groep 6 of 7, en soms zelfs eerder, ontstaat een focus op wat nog niet lukt.”
Volgens haar heeft de nadruk op toetsen en meten twee kanten. “Het is goed dat snel wordt gesignaleerd als een kind ergens moeite mee heeft en extra hulp kan gebruiken. Maar daardoor ontstaat ook een cultuur waarin veel aandacht uitgaat naar wat niet goed gaat. Positieve psychologie kijkt juist naar wat wél werkt. Iedereen heeft dingen waar hij minder goed in is en daar kun je prima mee leven.”
De gevolgen van prestatiedruk zijn volgens haar niet altijd direct zichtbaar. “Kinderen merken vaak alleen dat ze niet lekker in hun vel zitten. Ze kunnen lichamelijke klachten krijgen die samenhangen met stress, zonder dat ze dat zelf doorhebben. Sommigen worden somber of trekken zich terug, anderen worden juist druk.”
Ook onder jongeren ziet ze zorgelijke ontwikkelingen. “Op middelbare scholen heeft een behoorlijk deel van de leerlingen al burn-outklachten. Langdurige stress kan leiden tot somberheid of depressieve gevoelens.
Tegelijkertijd leren kinderen minder vertrouwen op hun eigen vermogen om met tegenslagen om te gaan.”
Maar volgens haar moet je in je kindertijd ook leren dat het soms misgaat. Dat het zo nu en dan ook goed is een beetje op je muil te gaan en dan ontdekt: daar kom ik ook wel weer overheen. Dat is veerkracht.”
Volgens Jellema helpt het daarbij als kinderen zich bewust zijn van hun sterke kanten. “Als iets helemaal in de soep loopt, is het fijn als je ook weet: er zijn andere dingen die ik wel kan. Dat geeft balans.”
Vergelijken en gewoon eens falen
Over de oorzaken van prestatiedruk is volgens Jellema niet één verklaring te geven. “Ik heb er geen onderzoek naar gedaan maar zie wel dat kinderen al jong toegang hebben tot sociale media.
“Ze worden voortdurend uitgenodigd om zichzelf met anderen te vergelijken.”
Daarnaast vraagt ze zich af of kinderen nog wel voldoende ruimte krijgen om fouten te maken.
“Je hoort vaak dat ouders kinderen te veel beschermen tegen tegenslagen. Ik weet niet of dat altijd zo is, maar ik zie wel dat kinderen weinig kansen krijgen om zonder toezicht gewoon eens een potje van iets te maken.”
Dat is volgens haar juist belangrijk voor de ontwikkeling van veerkracht.
“Zullen we gewoon eens falen? Want daar kom je ook weer overheen. Je bent nog steeds een leuk kind als iets niet lukt.”
De Sterke Kanten-benadering gaat uit van focussen waar je goed in bent zodat je daar nog beter in wordt. “Dat vinden we bij topsport heel logisch. Als iemand heel goed kan voetballen, zeggen we niet: ga ook eens zwemmen. Dan stimuleren we juist dat talent. Maar op school gebeurt vaak het tegenovergestelde. Zodra een kind ergens goed in is, gaan we vooral kijken naar wat nog beter moet. Voor het zelfvertrouwen is dat niet altijd handig.”
Meer ruimte voor eigenheid
Is het zelfvertrouwen van kinderen de afgelopen jaren veranderd?
“Er lijkt wel meer kwetsbaarheid te zijn”, denkt Jellema. “Kinderen groeien op in een tijd met veel onzekerheid, oorlogsdreiging en een constante stroom aan nieuws. Vroeger waren er ook zorgen, zoals de koude oorlog of werkloosheid. Maar dat kwam dan één keer per dag voorbij in het journaal. Nu zijn ze er de hele dag.”
Volgens haar zou het onderwijs meer ruimte mogen bieden aan verschillen tussen kinderen.
“Meer ruimte voor eigenheid. Dat kinderen mogen afwijken van de norm. Door alle toetsen en standaarden moet iedereen hetzelfde pad volgen, terwijl kinderen helemaal niet hetzelfde zijn.”
Ze noemt het Agora-onderwijs als voorbeeld van een onderwijsvorm waarin leerlingen meer ruimte krijgen om hun eigen ontwikkeling vorm te geven. “Zij hebben veel uitzonderingen aangevraagd bij de onderwijsinspectie waardoor kinderen meer eigen kunnen zijn.”
Spelen met sterke kanten
Het welzijn van kinderen vormde voor Jellema de aanleiding om het Sterke Kantenspel te ontwikkelen.
“Als docent en therapeut werk ik veel vanuit de positieve psychologie. Ik zoek altijd naar manieren om theorie toegankelijk te maken voor kinderen. Uitleg alleen raakt hen vaak niet”, weet Marlies die met het spel de kinderen laat ervaren en spelen.
Omdat ze zelf geen tekenexpert is, spaarde ze voor de samenwerking met illustrator Noëlle Smit. Het resultaat is een spel met 26 rijk geïllustreerde kaarten, bedoeld voor kinderen van 6 tot 13 jaar.
“Op de voorkant staat een dier dat een bepaalde sterke kant symboliseert. Op de achterkant staat uitgelegd welke eigenschappen daarbij horen. Kinderen kunnen bijvoorbeeld kaarten kiezen die bij hen passen of sterke kanten aanwijzen die ze bij iemand anders zien.”
Volgens Jellema herkennen kinderen zich gemakkelijk in de beelden. “Als een kind iets spannend of lastig vindt, kun je samen kijken welke kwaliteiten kunnen helpen. Misschien heeft het nu iets aan de zalm, die staat voor doorzettingsvermogen, of aan de creatieve spin.”
Onderzoek waarom iets goed gaat
Wat kunnen ouders en leerkrachten doen om het zelfvertrouwen van hun kinderen te vergroten? “Er is niks mis met een complimentje geven, dat is gezellig en warm. Maar wees je er wel bewust van dat je daarmee ook een norm oplegt. Als je zegt ‘wat goed dat je je werk afhebt’ stel je ook de norm: het werk moet af zijn. En als het dan niet lukt dan denk je sjit het moet toch af zijn. Maar als je zegt ‘wat goed dat je hebt doorgezet ‘, komt het meer op de persoon aan, ik heb een eigenschap ingezet die me heeft geholpen om het beste eruit te halen vandaag. In een positief compliment zit ook een oordeel. Maar door hem te verbouwen naar een sterke kant krijg je meer effect op het zelfbeeld. Dat je weet: als het moeilijk is kan ik doorzetten.”
Ook onderzoeken hoe iets is gelukt of waarom iets goed gaat vindt Marlies belangrijk. “Stel dat het met 1 klas goed gaat en met de andere niet. Dan ga je vaak onderzoeken hoe het kan dat het met die andere klas niet goed gaat. Maar het is heel interessant om te kijken waarom gaat het met die ene klas wel zo ontzettend goed. Wat is daar aan de hand?. Doet die docent iets anders? Want daar ligt heel belangrijke informatie. Vaak denken we ‘dat gaat wel goed, daar hoeven we niets meer mee’. Maar onderzoeken waarom het goed gaat is leuk om te doen en je waardeert ook dat het goed gaat, wordt er trotser en bewuster van.”
Mildheid
Heeft Marlies nog een boodschap aan ouders van kinderen die worstelen met onzekerheid?
“Mildheid”, stelt Marlies. “Als je merkt dat je heel streng bent in je hoofd voor jezelf probeer dan de goede vriendin in je hoofd te trainen die heel vriendelijk is voor jezelf. Want zo’n strenge stem daar kun je heel veel last van hebben. En probeer elke dag stil te staan bij waar was ik tevreden over en waar was ik trots op en welke sterke kant heb ik toen ingezet. Want onzekerheid is ook iets waar je in traint. Door steeds te kijken wat niet werkt word je brein daar goed in. Maar je brein kan ook goed worden in met meer vriendelijkheid kijken naar wat niet goed gaat en met trots en tevredenheid kijken naar wat wel goed gaat.
Ook ons brein traint zich. Als je vaak gefocust ben op wat je niet zo goed kan dan train je een soort innerlijke criticus. Dat geldt ook voor een klas of gezin. Je raakt er gewoon aan gewend om de hele tijd te kijken naar wat niet werkt. Ons brein is heel plastisch dus je kunt het echt trainen: focussen op wat wel werkt en bewust daarmee aan de slag gaan.
Ik hoop dat kinderen veel plezier van het Sterke Kantenspel gaan hebben”, besluit de docent en therapeut. “Dat het helemaal niet voelt als iets educatiefs of psychologisch maar dat het gewoon leuk is en dat ze er ondertussen ook nog van groeien en zelfvertrouwen krijgen: dat is mijn droom.”



