Welke verborgen geschiedenis schuilt er achter die opvallende straatnamen, gevels en plekken van Zwolle? Omdat straatstenen niet kunnen praten, ging de redactie van 1Zwolle zelf op onderzoek uit. Muntmeester Arent van Romunde woonde en verbouwde in 1666 het huis aan de Voorstraat 43. Nog niet wetende wat er later mee zou gebeuren.
Het zeventiende-eeuwse pand was ooit verbonden aan een Zwolse speldenmaker en diende later ruim zestig jaar als kantoor en vergaderruimte van het Christelijk Werkliedenverbond Patrimonium.
De gevel valt op tussen de andere panden. Vier hoge pilasters verdelen de voorgevel in verticale vlakken. Boven de ramen zitten gebeeldhouwde versieringen en hoog in de gevel zijn twee ronde vensters aangebracht. Het pand op nummer 43 is een rijksmonument en draagt de naam Patrimonium. Achter die naam gaat een geschiedenis schuil die teruggaat tot de zeventiende eeuw.
Een gevel uit 1666
Volgens de monumentbeschrijving van de gemeente Zwolle werd het huis in 1666 verbouwd en bewoond door muntmeester Arent van Romunde. Vanaf 1669 was speldenmaker Benedictus van Hertenbergh hier gevestigd. De gevel is uitgevoerd in een classicistische stijl die ook wel wordt aangeduid als een Vingboonsgevel. Architect Philips Vingboons, speelde namelijk een belangrijke rol in de ontwikkeling van deze bouwstijl in Nederland. Onder de vensters bevinden zich gebeeldhouwde ‘festoenen’: decoratieve slingers van onder meer bladeren en vruchten. Bovenin zitten twee ronde vensteropeningen met een sierlijke omlijsting. Zulke vensters worden oeils-de-boeuf genoemd, Frans voor ‘ossenogen’.
De geveltop die het huis vermoedelijk ooit had, is verdwenen. Het pand zou oorspronkelijk een halsgevel hebben gehad, vergelijkbaar met die aan de Diezerstraat 43. In de negentiende eeuw werden de gevels gepleisterd en kregen ze nieuwe vensters en deuren.
Wie de gebeeldhouwde versieringen precies maakte, is niet met zekerheid vastgesteld. Mogelijk waren ze het werk van Hermannus van Arnhem, een bekende Zwolse beeldsnijder. Zijn naam is verbonden aan meer historische interieurs en ornamenten in de stad.
De Speldenmakerij van Benedictus
In het pand aan de Voorstraat 43 werd gewerkt. Benedictus van Hertenbergh had er een smederij waar vooral spelden werden gemaakt. Dat vermeldt een artikel in het Zwols Historisch Tijdschrift van de Zwolse Historische Vereniging, die ook ingaat op zijn bezittingen buiten de stad. Van Hertenbergh was namelijk niet uitsluitend aan de Voorstraat actief. Zijn naam is ook verbonden aan een buitenplaats in Spoolde, die bekendstond als den Hertsenberg. Volgens de publicatie zat Benedictus toen kennelijk in geldnood en leende hij in 1690 van een zekere Arent van Brevoort honderd caroli guldens. Hij gaf hiervoor zijn huis en akkers in Spoolde, in onderpand.
De historische stukken geven daarmee een inkijkje in het leven van een ambachtsman die zowel in de stad als daarbuiten belangen had. Het pand aan de Voorstraat was onderdeel van een stad waar ambachtslieden hun werkplaatsen hadden en waar handel en nijverheid een belangrijke rol speelden.
Mandenmakerij en vergaderplek arbeidersbeweging
Ruim twee eeuwen later kreeg het huis een heel andere betekenis. Van 1889 tot 1954 was Voorstraat 43 het kantoor en de vergaderruimte van het Christelijk Werkliedenverbond Patrimonium. In de kelder was in die periode een mandenmakerij gevestigd. Het gebouw werd daarmee een plek waar Zwolse arbeiders bijeenkwamen om hun organisatiezaken te bespreken. Dat is niet alleen terug te vinden in de monumentbeschrijvingen, maar ook in historische publicaties van het verbond zelf.
Zo lees je in het christelijk-sociale weekblad Patrimonium van 22 juni 1933, dat de Zwolse afdeling op 12 juni een ledenvergadering hield in haar gebouw aan de Voorstraat. Onder leiding van voorzitter D. Westrik. Twee bestuursleden, C. Boven en W. Bergkamp, legden hun functie neer wegens vertrek. Beiden werden bedankt voor hun jarenlange inzet voor de afdeling.
Waar de gevel vooral de geschiedenis van een zeventiende-eeuws stadshuis laat zien, vertellen zulke verslagen over de mensen die er eeuwen later samenkwamen. Achter de statige voorgevel speelde zich het dagelijkse verenigingsleven af, met bestuurswisselingen en vergaderingen.
Vandaag herinnert de gevel nog aan de verbouwing van 1666. De naam Patrimonium verwijst naar de latere periode waarin het gebouw een belangrijke functie had voor het georganiseerde arbeidersleven in Zwolle.



