Van oorlogsjaren tot met een caravan door Europa trekken. Mevrouw Bolsenbroek-de Vries maakte het als eeuweling allemaal mee en werd vandaag verrast met een bezoek van locoburgemeester Anja Roelfs.
Zij kwam de Zwolse feliciteren met haar honderdste verjaardag!
Mevrouw Bolsenbroek – de Vries werd op 17 april 1926 geboren in Assendorp, als jongste en zeer welkome dochter na twee zoons. Haar vader werkte als bakkersknecht en haar moeder verdiende bij met het herstellen van kleding. Het gezin was netjes en hardwerkend. In 1934 overleed haar vader, toen zij zeven jaar oud was. Familie ving het gezin op, zodat haar moeder kon gaan werken. Kort daarna hertrouwde haar moeder, met een weduwnaar met vijf kinderen. Met steun van familie werd een huis gekocht in de Spoorstraat in Assendorp. Het gezin groeide uit tot negen kinderen. Het was een groot en arm gezin waarin hard gewerkt moest worden; verder leren was geen vanzelfsprekendheid.
Liefde in openluchtbad
In deze periode leerde zij Jo Bolsenbroek kennen in het openluchtbad. Zijn ouders namen haar liefdevol op. Tijdens de oorlog moesten meerdere gezinsleden onderduiken. Ook Jo verbleef elders vanwege zijn studie. In die tijd fietste zij soms naar Apeldoorn om aan voedsel te komen.
Na de oorlog wilde het echtpaar trouwen, maar er was geen woning beschikbaar. Via zijn vader kreeg Jo werk bij de spoorwegen, waar hij zijn leven lang bleef. Na een periode van inwonen bij familie kregen zij voorrang op een woning in de Wipstrik, waar hun kinderen werden geboren. Met hulp van oma, die dichtbij woonde, en moeders werk als coupeuse bouwden zij een stabiel bestaan op. Vader werkte onregelmatig en het gezin had het goed; ze konden zelfs met de trein reizen en op vakantie naar het buitenland.
Muziek en verenigingsleven speelden een belangrijke rol. Vader zong bij de Zwolse operettevereniging en moeder ondersteunde hem daarbij. In 1966 verhuisde het gezin naar een benedenwoning, met een grote tuin. De ouders stimuleerden hun kinderen om te leren en zich te ontwikkelen. Het gezin was hecht, met veel aandacht voor sport; beide ouders waren intensief betrokken bij de zwem- en kunstzwemactiviteiten van hun kinderen.
Na het uit huis gaan van de kinderen gingen zij met vervroegd pensioen en trokken met een caravan door Europa. Toen vader dement werd, zorgde moeder intensief voor hem tot zijn opname in het verpleeghuis. Zij bezocht hem dagelijks tot zijn overlijden, wat een groot gemis achterliet. Daarna bleef zij zelfstandig wonen.
Ondanks haar afnemende zicht bleef zij actief. Ze deed aan gymnastiek, yoga en koersbal, ging op pad met organisaties en hield zich bezig met creatieve activiteiten zoals naaien en breien.
De laatste jaren worden zwaarder door haar doof- en blindheid en het wegvallen van vrienden. Met ondersteuning redt zij zich nog, al kost het steeds meer moeite. In haar eigen huis voelt zij zich echter het sterkst.



